Aantal leerlingen Duits op historisch dieptepunt

Aantal leerlingen Duits op historisch dieptepunt

Een taalarmer Vlaanderen

Zaterdag 8 september 2018 — Het aantal leerlingen dat taallessen Duits krijgt in het secundair onderwijs heeft een historisch dieptepunt bereikt. Dat blijkt uit onderzoek van de Vrije Universiteit Brussel op basis van gegevens uit het Statistisch jaarboek van het Vlaams onderwijs. Ook aan de Vlaamse universiteiten kampen de taalopleidingen met een sterke terugval in het aantal inschrijvingen. Dit baart experts zorgen omdat talenkennis één van de belangrijkste troeven is in een geglobaliseerde economie.

In 2017 zakte het aantal leerlingen dat Duits volgt in het Vlaams secundair onderwijs voor het eerst onder de 70 000. In relatieve cijfers gaat het om een significante achteruitgang met 16% over de voorbije vijftien jaar. Katja Lochtman, professor Duitse taalkunde aan de Vrije Universiteit Brussel, betreurt de cijfers: “Duits is de taal die het meest verwant is aan het Nederlands. Onderzoek toont aan dat je sneller vooruitgang boekt in een vreemde taal die veel gelijkenis vertoont met je moedertaal. Vanuit die optiek is de achteruitgang van het Duits een gemiste kans voor het Vlaamse talenonderwijs.”

 

Deze terugval van het Duits blijkt een van de symptomen van een bredere problematiek die niet alleen het secundair maar ook het Vlaamse taalonderwijs aan universiteiten treft. Alex Housen en Esli Struys zijn voorzitters van de talenopleidingen aan de VUB en hebben de studentencijfers de voorbije jaren sterk zien achteruitgaan. In heel Vlaanderen waren er afgelopen academiejaar in het studiedomein Taal- en Letterkunde meer dan 1000 studenten minder dan 5 jaar daarvoor. Alex Housen, professor Engelse taalkunde en taalverwerving, bevestigt dat de daling niet alleen het Duits treft: “Zelfs voor mijn vakken Engels, waarvan je toch zou denken dat het een populaire taal is, zijn de aula’s nu minder gevuld dan pakweg tien jaar geleden”.

 

Minder gekwalificeerde leerkrachten

Experts vrezen dat het taalonderwijs op die manier in een vicieuze cirkel terechtkomt. Esli Struys, professor toegepaste taalkunde, wijst erop dat een daling in het aantal taal- en letterkundigen in het hoger onderwijs zal leiden tot minder kandidaat-taalleerkrachten in het secundair onderwijs. En minder gekwalificeerde leerkrachten hebben dan weer tot gevolg dat leerlingen onvoldoende voorbereid zijn op een talenopleiding in het hoger onderwijs. “Nu al behoren leerkrachten Frans tot de knelpuntberoepen in Vlaanderen. We moeten dus af van het riedeltje dat een talendiploma geen werkzekerheid biedt”, zegt Struys.

 

Een gedegen talenkennis blijkt in een geglobaliseerde economie nog meer voordelen met zich te brengen. Een recente Amerikaanse studie berekende dat tweetalige werknemers gemiddeld 7000$ meer verdienen dan hun eentalige collega’s met dezelfde kwalificaties. Canadese onderzoekers stelden vast dat het verschil nog verder oploopt met elke bijkomende taal die men kent en dat dit financiële voordeel zelfs geldt als deze talen niet dagelijks worden gebruikt.

 

Ook dichter bij huis vindt men soortgelijke resultaten. In Zwitserland schat men dat meertaligheid voor ongeveer 10% bijdraagt tot de waardecreatie van bedrijven, en een recente Britse studie heeft aangetoond dat Groot-Brittannië jaarlijks het equivalent van 3,5% van zijn BBP verliest door de gebrekkige vreemdetalenkennis van zijn bevolking. Alex Housen nam de onderzoeken door en kwam tot een verrassende conclusie: “Een goede beheersing van het Engels alleen is niet voldoende. Ook kennis van andere grote, vooral Europese talen blijkt nodig om ten volle het economisch potentieel te kunnen benutten.” In de Vlaamse context gaat het dan vooral om Frans maar ook om het Duits: het Duits is niet alleen de grootste taal van de Europese Unie, maar Duitsland is ook de belangrijkste handelspartner van ons land.

 

De terugval van de interesse voor vreemde talen is om nog andere redenen betreurenswaardig. Onderzoek toont aan dat het leren van vreemde talen, en de meertaligheid waartoe dit leidt, heel wat voordelen biedt. Zo zouden meertaligen beter scoren op (bepaalde onderdelen van) IQ-testen dan ééntaligen, ze zouden zich beter kunnen concentreren en complexe informatie verwerken, creatiever en flexibeler zijn, opener staan ten opzichte van anderen en hun culturen, en ook minder vatbaar zijn dan ééntaligen voor neurodegeneratieve aandoeningen zoals Alzheimer en Parkinson. Deze positieve effecten zouden het sterkst zijn bij mensen die van jongs af aan met verschillende talen in contact komen. Maar het goede nieuws is dat ze zich ook manifesteren bij mensen die op latere leeftijd nog vreemde talen leren. En nog meer goed nieuws is dat je ook niet elke vreemde taal vlot en op een hoog niveau moet kunnen spreken om die positieve effecten te ervaren.

 

Stimulering meertalig onderwijs

De experts zien verschillende oplossingen om de talenkennis van de Vlaming terug aan te zwengelen. Naast het vreemdetalenonderwijs biedt de Vlaamse overheid secundaire scholen sinds kort de mogelijkheid om meertalig onderwijs aan te bieden in het Engels, Frans, of Duits (CLIL-onderwijs). CLIL-onderwijs heeft op korte tijd een grote groei gekend maar kan nog verder gestimuleerd worden, onder meer door CLIL-scholen financieel te ondersteunen (net zoals scholen die inzetten op STEM-vakken financieel ondersteund worden). Daarnaast kunnen lagere scholen sinds kort ook talensensibilisering organiseren in dezelfde drie talen. Volgens de experts is talenkennis en meertaligheid altijd één van de troeven geweest van Vlaanderen, en ze pleiten er dan ook voor om het onderwijs van vreemde talen en talenstudies weer actiever te promoten.

 

Meer info

Alex Housen, 0499 141849

Katja Lochtman, 0494 115070

Esli Struys, 0498 84 46 85

Sicco Wittermans Persrelatie at Persrelaties VUB