Succes in jeugdtopsport vraagt om een individuele aanpak
VUB studie biedt wetenschappelijke leidraad voor jeugdsportbeleid
BRUSSEL – Hoe creëer je de topsporters van de toekomst? Uit een grootschalige studie door onderzoekers van de SPLISS onderzoeksgroep van de VUB blijkt dat er geen kant-en-klaar recept bestaat. De weg naar het podium is niet-lineair en vraagt om een holistische aanpak waarbij plezier, gezondheid en de omgeving centraal staan.
In een uitgebreid overzicht heeft auteur Kari Descheemaeker de resultaten van maar liefst 60 wetenschappelijke reviews over talentidentificatie en -ontwikkeling samengebracht. De conclusie is helder: effectief jeugdsportbeleid gaat over veel meer dan alleen fysieke training. Het is een complex samenspel tussen de sporttak, de individuele ontwikkeling van het kind en de betrokken omgeving.
“Een van onze belangrijkste bevindingen is dat de ontwikkeling van een jonge atleet zelden een rechte lijn volgt.” zegt Descheemaeker. “Inclusiviteit in het sportondersteunend systeem is daarom cruciaal; kinderen moeten de ruimte krijgen om op hun eigen tempo te groeien. Ons onderzoek benadrukt dat een succesvolle topsporter op seniorniveau eerst en vooral een jeugdatleet is die fysiek en mentaal gezond blijft en het plezier in de sport niet verliest. Het principe van 'fun, fitness en fundamentals' vormt hierbij de basis voor een duurzame sportcarrière.”
De studie wijst ook op de cruciale rol van de coach en de sociale omgeving. Een coach die excelleert bij volwassenen, beschikt niet automatisch over de specifieke vaardigheden die nodig zijn om jongeren te begeleiden. Naast sporttechnische kennis is inzicht in de sociale, emotionele en mentale ontwikkeling van het kind onontbeerlijk. Bovendien moeten alle stakeholders – van ouders en trainers tot klasgenoten – op één lijn zitten om een veilige en motiverende omgeving te creëren.
Descheemaeker benadrukt dat de aanbevelingen uit het onderzoek ook pleiten voor een gedifferentieerde aanpak per sporttak: “Waar sommige sporten, zoals turnen, een vroege specialisatie kennen, is dit bij andere disciplines juist contraproductief en kan het leiden tot vroege burn-out. Het onderzoek dient vooral als een wetenschappelijk onderbouwde leidraad voor beleidsmakers in de sportsector om middelen gerichter en intelligenter in te zetten.”
Referentie:
Kari Descheemaeker, Simon Shibli, Juanita R. Weissensteiner & Veerle De Bosscher (02 Nov 2025): Youth sport and talent development policies: An umbrella review of the foundation and talent phases for future high performance, Journal of Sports Sciences, https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/02640414.2025.2569267
Contact:
Kari Descheemaeker: 0495811881, mail: kari.descheemaker@vub.be
Koen Stein
