Onderzoek VUB: ​
​De transportinfrastructuur van Europa is niet voorbereid op klimaatverandering

Een nieuwe studie toont aan dat wegen, spoorwegen, havens, luchthavens en binnenwateren in toenemende mate zullen worden blootgesteld aan klimaatextremen, met ongeziene gevolgen.

Fig. 1. Blootstelling van Europese transportmodi aan klimaatverandering. Bron: Cristina Deidda (VUB).

Klimaatextremen, zoals hittegolven, ​ droogte, bosbranden, en rivieroverstromingen, komen wereldwijd steeds vaker en in hevigere mate voor als gevolg van klimaatverandering. Nieuw onderzoek, onder leiding van de Vrije Universiteit Brussel (VUB), toont aan dat deze klimaatextremen momenteel al alle transportmodi in grote delen van Europa beïnvloeden. Wegen, spoorwegen, havens, binnenwateren en luchthavens lijden allemaal onder infrastructuurschade en verstoringen in de dienstverlening met nadelige gevolgen voor de gezondheid van reizigers.

Enkele recente klimaatextremen resulteerden in miljarden euro’s aan economische schade, wat duidelijk de omvang van het probleem weergeeft. Zo was er de droogte van 2018 in de Rijn, waarbij waterstanden op een historisch dieptepunt kwamen te liggen en er ernstige verstoringen in het binnenvaartverkeer ontstonden. Dit zorgde alleen al in Duitsland voor een geschat economisch verlies van 2,4 miljard euro. Daarnaast zijn we nog maar net hersteld van een hittegolf, waarbij recordtemperaturen in juni ertoe hebben geleid dat spoorwegmaatschappijen in Frankrijk, België, Nederland, en het Verenigd Koninkrijk diensten moesten schrappen door gebrekkige verkoeling in treinen en verhoogd risico op schade aan het spoor (door uitzetting van bovenleidingen en spoorvervormingen).

Blootstelling van Europese transportmodi aan klimaatverandering

De studie benadrukt de voordelen van klimaatmitigatie door de blootstelling van transport aan klimaatextremen te vergelijken onder twee klimaatscenario’s: een scenario met een laag-emissietraject (vergelijkbaar met een opwarming van +2°C in 2100) en een scenario dat ongeveer de huidige beleidsmaatregelen volgt (wat resulteert in +3°C in 2100). Dit kan worden gedaan met behulp van zogenoemde klimaat-impactmodellen. Onder beide uitstootscenario's wordt verwacht dat de blootstelling van transportinfrastructuur aan meerdere klimaatrisico's zal toenemen, met name wanneer klimaatextremen gelijktijdig of kort op elkaar gaan optreden.

Onder een uitstootscenario ongeveer in lijn met het huidige klimaatbeleid (met 3°C wereldwijde opwarming in 2100)

Er wordt verwacht dat de blootstelling van transportinfrastructuur aan gevaren aanzienlijk zal toenemen:

  • Hittegolven: grootste verwachte toename in voorkomen bij alle transportmodi. Vergeleken met historische omstandigheden (1980–2009) kan de blootstelling van de Europese transportinfrastructuur aan extreme hitte halverwege deze eeuw (2040–2069) tot wel 30 keer toenemen.
  • Droogtes: Rond het midden van de eeuw kunnen droogtes voor het eerst meer dan de helft van de Europese binnenwateren treffen, wat risico’s brengt voor het vrachtvervoer langs belangrijke rivieren .
  • Bosbranden: Tegen het einde van de eeuw kunnen belemmeringen aan wegen en spoorwegen door bosbranden tot wel 26 keer vaker voorkomen.
  • Rivieroverstromingen: de blootstelling aan rivieroverstromingen kan lokaal tot wel acht keer toenemen.

Onder een laag-uitstootscenario (vergelijkbaar met een toename van 2°C in 2100)

Transportmodi vertonen aanzienlijk lagere blootstelling aan alle klimaatextremen, met name droogte en hittegolven. Halverwege deze eeuw kunnen de gemiddelde stijgingen in blootstelling al met 22–30% worden verminderd in vergelijking met het uitstootscenario van het huidige beleid.

Cristina Deidda, hoofdauteur van de studie en postdoc-onderzoeker aan de VUB, zegt:

“Het is belangrijk op te merken dat klimaateffecten niet beperkt zijn tot directe schade aan infrastructuur. Vertragingen, routeafsluitingen en onderbrekingen in passagiers- en vrachtvervoer kunnen toeleveringsketens, economische activiteiten en de volksgezondheid beïnvloeden. In de afgelopen jaren zijn gevallen van passagiers die urenlang vast zaten in treinen tijdens hittegolven steeds vaker voorgekomen, wat soms leidde tot uitputting door hitte en ziekenhuisopnames. Actie is dringend nodig om de transportsystemen van Europa voor te bereiden op een veranderend klimaat. Dit is uiterst relevant nu de Europese Commissie werkt aan het Geïntegreerd Kader voor Klimaatveerkracht en Risicobeheer. Een beter voorbereid en veerkrachtig Europa heeft transportnetwerken nodig die zijn aangepast aan klimaatextremen, om economisch en maatschappelijk te kunnen bloeien. Het ontwikkelen en investeren in veerkrachtige infrastructuur, het bijwerken van ontwerpnormen en het waarborgen van klimaatgerichte planning is essentieel om ervoor te zorgen dat Europa is voorbereid op huidige en toekomstige klimaatextremen.”

Wim Thiery, medeauteur van de studie en professor aan de VUB, zegt:

"Onze resultaten tonen aan dat aanpassing alleen waarschijnlijk niet voldoende zal zijn. Het stopzetten van de uitstoot van broeikasgassen, met name door het verbranden van fossiele brandstoffen, zal de toekomstige blootstelling van de Europese transportinfrastructuur aan extreme gebeurtenissen aanzienlijk verminderen. Ambitieuze emissiereducties gecombineerd met gerichte aanpassingsmaatregelen zullen essentieel zijn om de betrouwbaarheid en veerkracht van de Europese transportinfrastructuur te behouden."

Wolfgang Schade, wetenschappelijk directeur bij M-Five en leider van de ondersteunende studie voor de Europese Commissie:

"De scenario's die wij tot 2050 hebben geanalyseerd, tonen aan dat de risico's aanzienlijk zijn en sterk stijgen naarmate de uitstoot van broeikasgassen toeneemt. Dit betekent dat zowel het verminderen van het gebruik van fossiele brandstoffen als de aanpassing aan klimaatverandering moeten worden versneld om de negatieve gevolgen voor het EU-vervoer en de economie te beperken."

Belangrijkste bevindingen:

  • Klimaatextremen oefenen al aanzienlijke druk uit op transportsystemen in heel Europa. Deze gebeurtenissen beschadigen niet alleen cruciale infrastructuur, maar verstoren ook de bedrijfsvoering, verhogen de kosten en hebben negatieve gevolgen voor de ervaring van gebruikers, wat leidt tot langere wachttijden en gezondheidsrisico's. Italië, Frankrijk en Duitsland vertonen de hoogste blootstellingsniveaus tussen 2010 en 2018, waarbij overstromingen alleen al een economische schade van meer dan 6 miljard euro aan spoorwegen en wegen hebben veroorzaakt.
  • Recente gebeurtenissen in Europa, waaronder extreme hitte en droogte in Centraal-Europa in 2018, de overstromingen in West-Europa in 2021, de herhaalde overstromingen in Griekenland in de afgelopen vier jaar en de gelijktijdige hittegolven en bosbranden in heel Europa in 2023, tonen aan dat klimaatextremen steeds vaker optreden als samengestelde gebeurtenissen, waarbij klimaatextremen met elkaar in wisselwerking staan over ruimte en tijd. Naarmate de klimaatverandering de frequentie en intensiteit van afzonderlijke extremen doet toenemen, verhoogt dit ook de kans dat extreme gebeurtenissen gelijktijdig, kort op elkaar of op meerdere gebieden optreden. Overlappende klimaatextremen veroorzaken vaak gevolgen die aanzienlijk groter zijn dan die van afzonderlijke gevaren.
  • Het Middellandse Zeegebied komt naar voren als een brandpunt voor meerdere gevaren. Deze regio kan te maken krijgen met de sterkste toename van het aantal hittegolven en bosbranden in Europa. Voor bosbranden voorspellen modellen een sterke lokale toename, waarbij rond het midden van de eeuw 19% van alle transportnetwerken wordt getroffen, met een blootstellingsfactor die tegen 2100 onder het huidige beleid tot wel 26 keer hoger kan zijn dan onder historische omstandigheden (1980-2009).
  • Onder de huidige beleids-emissiescenario's geven klimaatmodelprojecties aan dat de blootstelling aan klimaatextremen tegen het midden en het einde van de eeuw aanzienlijk zal toenemen. Hittegolven vertonen de grootste toename, waarbij wordt verwacht dat meer dan 90% van het transportnetwerk tegen het midden van de eeuw te maken zal krijgen met een toenemende blootstelling, gevolgd door droogte, bosbranden en overstromingen.
  • Voor hittegolven en droogte wordt de grootste ruimtelijke verspreiding voorspeld. Tegen het midden van de eeuw wordt verwacht dat tot 45% van de spoorwegen en wegen en 40% van de binnenwateren te maken zal krijgen met droogte, wat tegen het einde van de eeuw onder het huidige beleid zal oplopen tot meer dan 70% van het netwerk van binnenwateren. Dit betekent dat zelfs regio's met een laag risico vandaag de dag in de komende decennia zullen worden getroffen.
  • De vergelijking tussen uitstootscenario's benadrukt de voordelen van mitigatie. Onder een laag-uitstootscenario (+2°C in 2100) zijn de voorspelde stijgingen in blootstelling kleiner dan onder het huidige beleid. Dit verschil zal al halverwege deze eeuw merkbaar zijn, met de grootste vermeden blootstelling voor hittegolven, droogte en bosbranden.

Notities voor redacties:

  • De toekomstige blootstelling van het transportnetwerk aan klimaatverandering is uitgevoerd met behulp van biofysische impactmodellen, onder drie uitstootscenario's: een laag-uitstootscenario RCP2.6 (overeenkomend met ~2°C opwarming in 2100), een middel-hoog uitstootscenario RCP6.0 dat overeenkomt met het huidige beleid (en ~3°C opwarming in 2100), en een zeer hoog uitstootscenario RCP8.5 (overeenkomend met ~4,5°C opwarming in 2100, resultaten voor RCP8.5 zijn te vinden in het volledige artikel).
  • De blootstelling van transportinfrastructuur wordt beoordeeld voor vijf extreme klimaatgebeurtenissen: rivieroeverstromingen, bosbranden, tropische cyclonen, droogte en hittegolven.
  • Het geanalyseerde transportnetwerk is het herziene Trans-Europese Transportnetwerk (TEN-T) (2024), dat luchthavens, zee- en binnenhavens, wegen, spoorwegen en binnenwateren omvat.
  • De projecties richten zich uitsluitend op blootstelling en omvatten geen toekomstige impact of economische verliezen.
  • De blootstellingsvermenigvuldigingsfactor kwantificeert de blootstelling van het transportnetwerk aan klimaatextremen in het midden van de eeuw (2040-2069) of aan het einde van de eeuw (2070-2099) ten opzichte van historische (1980-2009) klimaatextremen.
  • De studie is uitgevoerd door een Europees team van onderzoekers onder leiding van de afdeling Water en Klimaat van de Vrije Universiteit Brussel in België, met collega's van M-Five Mobility in Duitsland en het International Institute for Applied Systems Analysis (IIASA) in Oostenrijk.

Volledig artikel: Deidda, C., Khanna, A., Schade, W., Smith, C., & Thiery, W. (2026). Europe's transport infrastructure is not ready to face climate change. EGUsphere.

Rapport namens de Europese Commissie (voorafgaand aan het volledige artikel): Schade, W., Khanna, A.A., Mader, S., Streif, M., Abkai, T., de Stasio, C., Fermi, F., Bielanska, D., Deidda, C., Thiery, W., Maatsch, S., (2024): Support study on the climate adaptation and cross-border investment needs to realise the TEN-T network. Report on behalf of the European Commission. Karlsruhe, Milano, Brussels, Bremen. July 2024.


Contact

  • Hoofdauteur: Cristina Deidda, Department of Water and Climate, Vrije Universiteit Brussel; cristina.deidda@vub.be +39 3498822303
  • Senior auteur: Prof. Dr. Wim Thiery, Department of Water and Climate, Vrije Universiteit Brussel, wim.thiery@vub.be, +32 2 629 30 29.
  • mede-tauteur: Dr. Wolfgang Schade, Scientific Director, M-Five GmbH Mobility, Futures, Innovation, Economics, Germany, Wolfgang.schade@m-five.de, +49 721 824 818 90.
  • Valorisation Manager: Dr. Marie Cavitte, Department of Water and Climate, Vrije Universiteit Brussel, marie.cavitte@vub.be, +32 470 19 24 15.
Sam Jaspers

Sam Jaspers

Medewerker persrelaties

 

Delen

Meest recente verhalen

Website preview
VUB-onderzoek: hoe steden vergroenen met het oog op opwarming
VUB-onderzoeker Robbe Neyns brengt met satellietbeelden en artificiële intelligentie stedelijke boomsoorten in kaart
press.vub.ac.be
Website preview
Achter de tralies van de tijd
Onderzoek van VUB-professor Humblet staat centraal in Canvas-documentaire
press.vub.ac.be
Website preview
VUB brengt wetenschap en onderzoekers naar het Atomium tijdens WiseNight 2026
Ontmoet vrouwelijke VUB-onderzoekers die klimaat, AI, gender, steden, archeologie en technologie tastbaar maken voor een breed publiek
press.vub.ac.be

Persberichten in je mailbox

Door op "Inschrijven" te klikken, bevestig ik dat ik het Privacybeleid gelezen heb en ermee akkoord ga.

Over Press - Vrije Universiteit Brussel

volg ons op twitter @VUBrussel


De Vrije Universiteit Brussel is een internationaal georiënteerde universiteit in Brussel, het hart van Europa. Door het afleveren van hoogstaand onderzoek en onderwijs op maat, wil de VUB een actieve en geëngageerde bijdrage leveren tot een betere maatschappij.

De Wereld Heeft Je Nodig

De Vrije Universiteit Brussel neemt haar wetenschappelijke en maatschappelijke verantwoordelijkheid met liefde en daadkracht op. De VUB lanceerde daarom het platform ’De Wereld Heeft Je Nodig’.  Hier worden rond zes P’s ideeën, acties en projecten samengebracht, opgestart en uitgebouwd. De eerste P staat voor People, want daar draait alles om: mensen gelijke kansen geven, welvaart, welzijn, respect. Peace staat voor het bestrijden van klein en groot onrecht in de wereld. Prosperity gaat armoede en ongelijkheid te lijf. Planet staat voor acties rond biodiversiteit, klimaat, luchtkwaliteit, dierenrechten ... Met Partnership zoekt de VUB samenwerkingen om de wereld een betere plaats te maken. De zesde en laatste P is van Poincaré, de Franse filosoof Henri Poincaré aan wie de VUB haar leuze ontleent, dat het denken zich aan niets mag onderwerpen, behalve aan de feiten zelf. De VUB is een 'urban engaged university’, sterk verankerd in Brussel en Europa en werkend volgens de principes vrij onderzoek. www.vub.be/dewereldheeftjenodig

Neem contact op met

Pleinlaan 2 1050 Brussel

02 / 629.21.37

tineke.sonck@vub.be

www.vub.be